Wat zijn terpenen en waar komen ze voor?
Terpenen zijn de geurstoffen die planten zelf aanmaken, van hop en lavendel tot dennennaalden en sinaasappelschil. Ook cannabis bevat ze, in een samenstelling die per soort en per oogst verschilt. Hieronder lees je hoe terpenen zijn opgebouwd, welke er vaak genoemd worden, en waarom warmte en lucht ze aantasten.
Wat terpenen precies zijn
Terpenen zijn geurstoffen die planten zelf aanmaken. Chemisch zijn het koolwaterstoffen, opgebouwd uit bouwsteentjes van vijf koolstofatomen die isopreen heten. Twee bouwsteentjes samen vormen een monoterpeen, met de formule C10H16. Drie bouwsteentjes vormen een sesquiterpeen, C15H24. Door die modulaire opbouw bestaan er heel veel varianten. Er zijn er inmiddels tienduizenden beschreven, verspreid over vrijwel het hele plantenrijk.
Je kent ze beter dan je denkt. De geur van een geschilde sinaasappel, van een naaldbos op een warme dag, van verse lavendel of van gekneusde hop: dat zijn terpenen die uit het plantmateriaal vrijkomen en de lucht in gaan. Ze zijn dus niet uniek voor cannabis. Cannabis bevat er alleen relatief veel, in een samenstelling die per soort en per oogst verschilt.
Waar ze in de plant gemaakt worden
Bij cannabis worden terpenen gevormd in de trichomen. Dat zijn de klierhaartjes op de bloemen en op de blaadjes eromheen. Met een loep of een goedkope zakmicroscoop zie je ze als doorzichtige steeltjes met een bolletje erop. In dat bolletje worden zowel de terpenen als de cannabinoiden aangemaakt en opgeslagen. Bij andere planten zitten ze in de schil van citrusvruchten, in dennennaalden of in de blaadjes van tijm en rozemarijn. Kneus zo'n blaadje en je breekt die opslagcellen open, waarna je het meteen ruikt.
Vier terpenen die vaak genoemd worden
- Myrceen. Ruikt aards en kruidig, met een licht muskusachtige ondertoon. Zit ook in hop, laurierblad, tijm, citroengras en in de schil van mango. Myrceen is een van de meest voorkomende terpenen in cannabis.
- Limoneen. Ruikt fris en citrusachtig. Zit in de schil van citroen, sinaasappel en limoen, en verder in jeneverbes en pepermunt. Industrieel wordt limoneen gewonnen uit citrusschillen, als restproduct van de sapindustrie.
- Pineen. Ruikt naar naaldhout en dennennaalden. Er zijn twee vormen, alfa-pineen en beta-pineen. Je vindt pineen in dennen en sparren, en ook in rozemarijn, salie, dille en basilicum. Alfa-pineen wordt gerekend tot de meest voorkomende terpenen op aarde.
- Linalool. Ruikt bloemig en licht zoet, met een kruidig randje. Bekend van lavendel, en verder aanwezig in koriander, laurier en basilicum. Linalool wordt op grote schaal verwerkt in parfum, zeep en wasmiddel.
Het verschil tussen terpenen en terpenoiden
In productteksten zie je beide woorden door elkaar staan. Streng genomen is een terpeen puur opgebouwd uit koolstof en waterstof. Zodra er een zuurstofatoom in de molecuul zit, bijvoorbeeld doordat de stof met zuurstof uit de lucht heeft gereageerd, spreek je van een terpenoide. Linalool is daar een voorbeeld van: het is een alcohol en dus formeel een terpenoide. In de praktijk gebruikt bijna iedereen het woord terpenen voor de hele groep. Belangrijker dan de naam is dat die omzetting ook in een pot of flesje gebeurt. Een product dat lang aan lucht heeft gestaan, ruikt daardoor anders dan vlak na de oogst of vlak na productie.
Vluchtig, en waarom dat uitmaakt
Vluchtig betekent dat een stof gemakkelijk overgaat van vloeistof naar damp. Terpenen doen dat bij relatief lage temperaturen. Ter illustratie, de kooktemperaturen bij normale luchtdruk liggen ongeveer zo:
- alfa-pineen, rond 155 graden Celsius
- myrceen, rond 167 graden Celsius
- limoneen, rond 176 graden Celsius
- linalool, rond 198 graden Celsius
Die getallen zijn het kookpunt, niet de grens waarboven pas iets gebeurt. Ook bij kamertemperatuur verdampen terpenen langzaam. Dat is precies waarom je een plant of een pot al kunt ruiken zonder hem aan te raken: er ontsnapt voortdurend een klein beetje.
Wat verhitting ermee doet
Bij verhitting spelen er twee dingen tegelijk. Ten eerste verdampen de lichtste terpenen het eerst. Het geurprofiel dat overblijft, is dus niet alleen zwakker maar ook anders van samenstelling. Ten tweede reageren terpenen bij hogere temperaturen met zuurstof en veranderen ze in andere stoffen. Dat merk je aan de geur: minder fris, vlakker, soms wat scherper.
Daarom maakt de productiemethode verschil. Methodes die met weinig of geen warmte werken, zoals koud persen, zeven bij lage temperatuur of extractie met vloeibaar CO2, laten meer van het oorspronkelijke geurprofiel intact. Elke stap waarin langdurig of sterk verhit wordt, kost aroma.
Terpenen op een analyse
Een terpenenanalyse wordt meestal gedaan met gaschromatografie, gekoppeld aan een massaspectrometer of een vlamionisatiedetector. Op zo'n rapport staat per terpeen een gehalte, doorgaans in milligram per gram of in procenten. Waar je op kunt letten:
- welke terpenen zijn gemeten, want een laboratorium test altijd een vaste lijst en niet de hele plant
- de detectiegrens, want "niet aangetoond" betekent onder die grens en niet per se nul
- de datum van de analyse en het batchnummer, zodat het rapport ook echt bij jouw pot hoort
- hoe het monster is bewaard en vervoerd, want een warm of open monster verliest terpenen voordat de meting begint
Bewaren
Terpenen verdwijnen door warmte, licht, lucht en tijd. De aanpak is simpel: bewaar in donker glas of in een gesloten pot, koel en donker, met de dop stevig dicht. Hoe minder lucht er boven het product staat, hoe minder oxidatie. Laat een potje niet onnodig lang open staan, zet het niet in de zon of naast de kachel, en vermijd steeds wisselende temperaturen. Ruik je dat een product duidelijk vlakker is geworden dan bij aankoop, dan zijn de vluchtige stoffen grotendeels vertrokken.
Meer weten
Heb je een vraag over een specifiek product, over de gemeten terpenen op een analyse of over de manier waarop iets gemaakt is, dan kun je via de website contact opnemen. Je krijgt dan persoonlijk antwoord van iemand die het product kent.
Deze tekst is informatief en beschrijvend. Wij doen geen uitspraken over gezondheid of werking. Heb je een medische vraag, leg die dan voor aan je huisarts of behandelaar.